zaterdag 11 maart 2017

De Sitzen tweeling uit Heerde




Een van de pronkstukken van de tentoonstelling Sits, katoen in bloei die vandaag begint in het Fries Museum te Leeuwarden is een quilt met een handbeschilderd sitsen middenstuk.
Dit stuk is nog echt met de Verenigde Oostindische Compagnie meegekomen uit India  ongeveer 250 jaar geleden. In al die tijd heeft hij ongetwijfeld een heleboel meegemaakt. Rond 1800 is hij verwerkt in een quilt en hij heeft daarna vast vele bedden warm gehouden. Wat er precies mee is gebeurd  is niet bekend. Tot hij ergens in de vorige eeuw opdook en in het bezit van de familie Meester kwam. Joes Meester vertelde het laatste stuk van de geschiedenis van deze quilt-met-sits. En die is heel bijzonder.

Ergens in de vorige eeuw moest de moeder van Joes (ze is nu 92) helpen bij het opruimen van het huis van haar ongetrouwde oude tante die was overleden. Ze had gewoond op een boerderij in de buurt van Heerde. In een hoek vonden ze een oude dekenkist. Ze spraken af dat de zus van Joes’ moeder (die ook hielp met opruimen) de kist kreeg en de moeder van Joes de inhoud. Nou dat bleek een goede keus voor iemand die hield van handwerken!
De inhoud van de kist bleek te bestaan uit een bijzondere merklap met naaldkant en een ‘deken’ die later onze quilt-met-sits bleek te zijn. Maar dat wisten ze toen nog niet. Jaren hing hij in Joes’ ouderlijk huis in het trapgat als decoratie. Totdat Joes -zelf sinds jaar en dag een enthousiast quiltster- een keer An Moonen tegen kwam op een tentoonstelling in het Openluchtmuseum en haar een paar foto’s liet zien van de ‘deken’. “An werd helemaal hyper,” zegt Joes,  “want ze zag meteen dat het iets bijzonders was.” En toen bleek dat het een echte oude sits was die nog met was en beits was ingetekend.  In het boek Geschiedenis van de Nederlandse quilt van An Moonen staat beschreven wat er nu over bekend is.

Maar daarmee is de geschiedenis nog niet klaar. Zoals gezegd: Joes en haar moeder quilten graag en houden juist ook van al die ‘retro’-stoffen. Ook kennen ze een paar mensen in de textielwereld. En zo kwam het dat Petra Prins (bekend in heel quiltend Holland) op het idee kwam om de stofjes die in het quiltgedeelte verwerkt waren te laten namaken. Dat gebeurde in Amerika bij Wyndham Fabrics. Zo ontstond de stoffenlijn Josephine (inmiddels uitverkocht).

Vervolgens kwam Joes Nathalie Cassee van Kashmir Heritage tegen. Die bleek het atelier van mw. Renuka Reddy  in Bangalore (India)te kennen waar nog op de traditionele manier sitsen worden gemaakt. Al gauw werd het idee geboren om ook het middenstuk na te laten maken. Dat werd een bijzonder avontuur! De lap werd uitgebreid gefotografeerd en de foto’s werden naar India gestuurd. Daar werd eerst speciale, heel dunne stof geweven. Daar op werd volgens de eeuwen oude werkwijze het sitspatroon aangebracht. De verschillende stadia  van het maken werden gefotografeerd. Zo konden Joes en haar moeder het hele proces van het maken van de replica goed volgen. En een half jaar later kwam de ‘tweeling’ van de oude sits goed ingepakt naar Nederland. Het resultaat is prachtig geworden! En het is natuurlijk uniek dat je nu zowel de sits van 250 jaar oud kunt zien als hoe hij geweest moet zijn toen hij uit het schip werd geladen en bij de eerste eigenaar terecht kwam.


Met de replica van het middenstuk (de ‘palempore’ heet dat in vaktaal) en de nagemaakte stoffen van Petra heeft Joes alle middelen in handen om een identieke tweeling te maken van de antieke ‘deken’. Of ze dat ook gaat doen vertelt het verhaal niet …


2 opmerkingen:

  1. Wat een prachtig verhaal over hoe het was en nu is, belangrijk om deze reis te archiveren

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Heel bijzonder en leuk om hetverhaal erachter te lezen!

    BeantwoordenVerwijderen